Zeven dingen die je bent als je een discipel van Jezus bent

In 2 Timotheus 2 kun je zeven metaforen ontdekken die Paulus gebruikt voor een discipel van Jezus.

1. Betrouwbare onderwijzer

Geef wat je in aanwezigheid van velen van mij hebt gehoord, door aan betrouwbare mensen die geschikt zijn om anderen te onderwijzen. 2 Timotheus 2: 2

Een discipel van Jezus vermenigvuldigd zich altijd in anderen. Een discipel betekent leerling en een leerling krijgt onderwijs, maar de bedoeling is niet dat het daar bij blijft. Uiteindelijk is het de bedoeling dat een leerling zelf ook een onderwijzer van anderen kan zijn. Dat is de kern van discipelschap. Paulus schrijft dit aan Timotheus, die zelf een discipel van Paulus was. Uit eigen ervaring wist Timotheus dus wat het was om een discipel van iemand te zijn. Nu stimuleert Paulus Timotheus om het zelfde bij anderen te doen. Maar discipelschap heeft niet alleen te maken met onderwijzen of onderwezen worden. Nee, het is niet enkel kennis overdragen, maar het heeft ook te maken dat andere woord dat Paulus hier gebruik; betrouwbaar! Want discipelschap heeft ook te maken met het voorbeeld geven zodat mensen je navolgen. Practice what you preach! En waar begint dat mee? Met betrouwbaar zijn! Alles valt of staat met vertrouwen. Als ik denk aan mensen die kunnen onderwijzen en betrouwbaar zijn, dan denk ik aan ouders. Ze hebben levenservaring, voeden op en je kunt (als het goed is) je ouders vertrouwen. Daarom zie ik in betrouwbare onderwijzers geestelijke vaders en moeders, die hun geestelijke kinderen opvoeden. Deze zijn hard nodig in de kerk.

2. Een goed soldaat

Deel in het lijden als een goed soldaat van Christus Jezus. Iemand die in krijgsdienst is, laat zich niet afleiden door het leven daarbuiten, want zijn bevelhebber moet tevreden over hem zijn. 2 Timotheus 2:3

Een soldaat? Ja, maar zeg je; ik wil Jezus wel volgen, maar ik wil geen soldaat zijn. ‘Jezus gaat toch om liefde en vrede; niet om geweld’. Ja begrijpelijk dat je dat zegt. Maar als je voor Jezus kiest, dan wordt je automatisch ook een geestelijk soldaat van Christus. Waarom? Omdat er een geestelijke oorlog is tussen licht en duisternis, Jezus en satan. Als je voor Jezus kiest, heb je automatisch een tegenstander en beland je in een geestelijke oorlog. Gelukkig is de vijand verslagen en hebben we in Christus de autoriteit en zijn we meer dan overwinnaars. Dan noemt Paulus een kenmerkt van een goed soldaat. Een goed soldaat is bereid te lijden en zich niet laat afleiden van zijn taak. Een soldaat klaagt niet, is bezig met een missie en gaat door om de overwinning te behalen. Jezus gaf het voorbeeld als goed soldaat; hij legde een lijdensweg af die naar de overwinning leidde. En de Vader, degene die Jezus het bevel gaf om voor ons te sterven aan het kruis, was tevreden over Hem. Zo mogen wij ook weten dat als we lijden voor Christus, we ook zullen delen in zijn overwinning!

3. Atleet

Een atleet wordt niet gelauwerd als hij zich niet aan de regels houdt. 2 Timotheus 2:5

2 Timoteüs is de laatste brief die Paulus heeft geschreven voordat hij ter dood veroordeeld werd. Hij zit dan gevangen in een kerker in Rome. In de bijbel word niet gesproken over hoe Paulus aan zijn eind kwam, maar de meeste theologen en historici zeggen dat Paulus onthoofd is in Rome onder het bewind van Keizer Nero. Een heftig einde! Toch zegt Paulus tegen het einde van deze brief het volgende over zichzelf als discipel van Jezus; Maar ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop volbracht, het geloof behouden. Nu wacht mij de krans van de gerechtigheid die de Heer, de rechtvaardige rechter, aan mij zal geven op de grote dag; 2 Timoteus 4:7-8

Paulus vergelijkt zichzelf met een atleet die een wedloop loopt en de finish gehaald heeft. Paulus en elke discipel van Jezus is dus als een atleet, een geestelijke atleet. Bekijk hier mijn uitgebreide Bijbelstudie over deze metafoor.

4. Boer

 De boer die het zware werk doet, heeft als eerste recht op de oogst. 2 Timotheus 2:6

Een boer, en dus ook een discipel van Jezus) is een harde werker. Wat is dat zware werk van een boer? Dat bestaat uit ploegen, zaaien, bewateren, beschermen, oogsten en bewerken. Het hele doel van boer of landbouwer zijn is om de oogst op te eten en ervan te leven of om het te verkopen. Daar is al zijn inspanning op gericht! Wat wordt hier bedoeld met oogst? In Mattheus 9:36-38 lees je dat Jezus bewogen is met de vermoeide en verstrooide mensen die Jezus niet kennen als herder in hun leven. Vervolgens noemt hij deze mensen de oogst! En hij zegt dat we de heer van de oogst moeten vragen om arbeiders in zijn oogst! Met andere woorden, God is op zoek naar geestelijke boeren die de oogst binnenhalen! Daar zou een discipel van Jezus altijd op gericht moeten zijn.

5. Arbeider

Beijver u om uzelf welbeproefd voor God te stellen, als een arbeider die zich niet hoeft te schamen en die het Woord van de waarheid recht snijdt. 2 Timotheus 2: 15 Hsv 

Iedere arbeider/werknemer heeft een taakomschrijving. Als je wordt aangenomen voor een functie dan zeg je ja tegen die taak en vervolgens ga je aan de slag en wordt je door de praktijkervaring die je op doet steeds beter in je beroep. Soms kom je in je werk voor uitdagingen te staan en wordt je beproefd in je bekwaamheid. Zo kunnen wij ook soms door moeilijkheden gaan als we voor God werken, maar Paulus zegt hier dat we ons altijd moeten beijveren. Dat wil zeggen, altijd je best doen! Ik zeg altijd; ‘doe je best God en God doet de rest!’ Een goede arbeider streeft naar excellence en wilt het beste laten zien van wat hij kan, zodat hij zich niet hoeft te schamen voor het eindresulataat. Zo mogen wij ook ijverig zijn, dat betekent krachtig naar iets streven. Zodat we het beste wat we hebben, al onze geven en talenten inzetten voor God. Zonder schaamte het woord van de waarheid verkondigen op wat voor manier dan ook. Als voorganger, jeugdleider, huisvrouw, muzikant, student of wat voor taak je ook maar hebt gekregen van God!

6. Gebruiksvoorwerp

 In een groot huis zijn er niet alleen voorwerpen van goud en zilver, maar ook van hout en aardewerk. De eerste zijn voor bijzondere gelegenheden, de laatste voor dagelijks gebruik. Als iemand zich van alle kwaad gereinigd heeft, wordt hij een bijzonder en geheiligd voorwerp, dat zijn eigenaar vele diensten kan bewijzen en geschikt is voor elk goed doel. 2 Timotheus 2:20-21

Dit is de enige metafoor waar een vergelijking wordt gemaakt met een voorwerp in plaats van een mens. Maar niet zomaar een voorwerp, een bijzonder en geheiligd voorwerp. Geheiligd wil zeggen, apart gezet. Het mooiste servies van goud en zilver is apart gezet en wordt gebruikt voor speciale gelegenheden. Zo is het ook bij God. Hij heeft ons gemaakt met een doel en we mogen een instrument in zijn handen zijn, wat Hij gebruikt voor zijn speciale doel! Daarvoor heeft Hij jouw apart gezet, om door Hem gebruikt te worden zodat jouw leven tot zegen is voor anderen. Zeg van vadaag maar tegen God: ‘gebruik mij Heer!’

7. Dienaar

Een dienaar van de Heer moet geen ruzie maken, maar voor iedereen vriendelijk zijn; hij moet een goede leraar zijn en een verdraagzaam mens, en zijn tegenstanders zachtmoedig terechtwijzen. 2 Timotheus 2:24-25

Een discipel van Jezus is een dienaar! Het zijn van een dienaar en ruzie maken met anderen gaan niet samen.  Ruzies hebben vaak te maken met wie de eerste wilt zijn, wie de belangrijkste wilt zijn en wie gelijk wilt hebben. Dit gebeurde ook bij de discipelen. Jakobus en Johannes vroegen een keer aan Jezus: ‘Wanneer u heerst in uw glorie, laat een van ons dan rechts van u zitten en de ander links.’ (Marcus 10:40)

Johannes en Jabobus waren bezig met positie en hadden niet de houding van een dienaar maar van een heerser en dan staat er dat toen de andere leerlingen hiervan hoorden, ze woedend werden op Jakobus en Johannes. (Marcus 10:41)

Jezus antwoord vervolgens als een dienaar; als een goede leraar vol verdraagzaamheid en Hij wijst Jakobus en Johannes zachtmoedig terecht, als Hij het volgende zegt:

 ‘Jullie weten dat de volken onderdrukt worden door hun eigen heersers en dat hun leiders hun macht misbruiken. Zo mag het bij jullie niet gaan. Wie van jullie de belangrijkste wil zijn, zal de anderen moeten dienen, en wie van jullie de eerste wil zijn, zal ieders dienaar moeten zijn, want ook de Mensenzoon is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en zijn leven te geven als losgeld voor velen.’ Marcus 10:42:45

Jezus heeft het voorbeeld gegeven. Hij die alle macht heeft en heerser is over alles wat leeft, is een dienaar. Zo mogen wij als zijn leerlingen ook altijd de houding van een dienaar aannemen, in alles wat we voor Jezus doen.

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *